Koen Hauser

Kosmoz

1 The work Kosmoz No. 3 was on show at the Fotomuseum Den Haag 2023 as part of the exhibition showcasing the collection Ophof︎︎︎

2 The design of the original exhibition – curated by Kim Knoppers –  consisted of white walls, a yellow curtain and waiting room chairs reminiscent of medical institutes. Part of the exhibition consisted of an installation featuring a lenticulair image︎︎︎ showing moving circular shapes inside a skull, based on a photographic reproduction that is part of the artistbook Kinderen︎︎︎.  


3 Accompanying the exhibition a leaflet was handed out to the visitors, containing a manifest called Kosmologisch Signaal ︎︎︎. 

4 the photograph Kosmoz No. 3 was reconstructed three dimensionally during the Skulptura ‘performéance’ called The (re-) Creators (2019).

Kosmoz


Kosmoz (2005) departs from a textual fragment — written in archaic Dutch spelling — bearing the title Kosmoz, which functions as both origin and alibi for the work. The installation comprises nine constructed photographic portraits. Following the visual aesthetics of early psychiatric research, characters were shaped into their self-fulfilling appearance by means of digital two-dimensional sculpting. Together, they constitute a kind of typology: not of diagnosis, but of figures cast as uncomprehended witnesses to the intimation of a latent structure through which perception organises the world into legible form. The accompanying text operates as a fictional anchor, situating the figures within a larger imaginary archive.


exhibition



individual works



Kosmologisch Signaal
(manifest written in dutch, published in a leaflet created for the exhibition ‘Kosmoz’ at de Beyerd, Breda, 2005)

“Al vele doctoren en geleerden hebben zich gebogen over de vernieuwende inzichten en kennis van het bewustzijn van den modernen mensch, welke gelijk het heelal waarin onze planeet zich bevindt groeit en uitdijt. Naarmate we meer kennis vergaren, hoe meer dit domein wordt beheerscht door een niet-weten, zoo blijkt. Gelijk het universum groeit met onze kennis immers het bewustzijn van alle zaken waarvoor wij geen verklaaring paraat hebben. En zie daar: het mysterie wordt manifest.

Misschien moeten wij – om dichter tot de oorsprong, de waarheid te komen – terug in den tijd. Want is onze huidige kennis over het zich uitstrekkende en groeiende heelal niet grootendeels verkregen door analyse van het licht der sterren die op vele lichtjaren afstand van onze planeet staan? Door de afstand tot het onderwerp nemen wij dát licht waar dat deze hemellichamen reeds vele jaren geleden uitzonden. Deze lichtbeelden uit het verleden spelen zoo een sleutelrol bij onze zoektocht in de werkelijkheid van het heden. Maar wie zal zeggen, waar de werkelijkheid begint en waar de droom eindigt? Het eenige dat wij zeker weten is dat we niet weten. En vanuit dit agnostisch besef der levensmysteriën, is het de taak des kunstenaars zijn werk in de kern met deze waarheid te bevruchten. Immers, het leven wordt eerst wezenlijk wanneer het ons als droom, als onwerkelijkheid ontroert. Zoo moet zijn het werk van den kunstenaar, als een aetherische ontlaading zijner gedachten en ervaringen, een weerspiegeling van constellaties zijner zielsbeleving waarin het mysterie zich ontvouwt. Een weerspiegeling, die het huwelijk voltrekt tusschen de moderne techniek der photographie als kunst en als ambacht.

Want is het in onzen tijd niet juist deze wetenschap en techniek der lichtbeelden, die ons in staat stelt uit onzer ziel naar voren te halen en anderen te toonen wat haar roert? Voor den serieuzen lichtwerker omvat het photographisch omhulsel een metaphysische kern, gelijk de huid als spiegel van de ziel. Hij toont ons een kosmos als zakboek zijner photographische allegorie van het lied der hemelen, en geeft hiermede een indruk van de heerlijkheid der schepping en de emotioneel-plastisch doorvoelde vorm waarin dit zich volgens de wetten van zijn synesthaetisch universum aan zijn geestesoog voltrekt…”

the (re-)creators